De ware aard van sommige beestjes.

Foto door Pixabay op Pexels.com

We zitten allemaal in dezelfde bizarre coronatijden. Bij sommige mensen brengt dit het mooiste naar boven, bij andere komt de ware aard aan het licht, en die is niet altijd mooi.

Zo las ik gisteren met stijgende verbazing een opinie geschreven door Inge Jooris.

Ze vroeg zich af of de collateral damage ten gevolge van de coronamaatregelen niet veel groter zal zijn dan de schade die aangebracht zou worden mochten we het coronavirus zonder richtlijnen het hoofd bieden.

Ik werd een beetje heel erg pissed van dit artikel.

Natuurlijk is het héél erg dat onze kinderen niet naar school kunnen, dat ze niet kunnen uitgaan en niet kunnen genieten van hun jonge leven samen met vrienden. Verschrikkelijk is het.

Natuurlijk is het héél erg dat onze ouderen in de woonzorgcentra volledig geïsoleerd leven op dit moment, en dat zij hun geliefden enkel kunnen zien of horen via telefoon of videocall.

Natuurlijk is het allerergste dat mensen die stervende zijn die stap alleen moeten zetten, zonder omringd te zijn door hun geliefden, zonder nog een laatste keer te kunnen zeggen hoe graag ze hun kinderen, partner, vrienden zien.

Natuurlijk is het héél erg dat mensen hun door hard werken uit de grond gestampte bedrijf, restaurant, café, of weet ik veel wat nog meer, teloor zien gaan.

Iedere persoon heeft het in deze kuttijden moeilijk, en de meest kwetsbaren hebben het alweer het allermoeilijkste: mensen die arm zijn worden nog armer, mensen die klein wonen zitten op elkaars lip, mensen die single zijn voelen zich nog meer alleen…

Als je zelf niet tot de risicogroep behoort, of dénkt er niet toe te behoren, als je zelf niemand kent die de strijd verloren heeft tegen dit vreselijke virus, als je weinig empathisch bent daarbovenop, dan kan je misschien denken dat het niet zo erg is dat er duizenden mensen sterven. Tenslotte waren het vooral oude of zieke mensen en zouden die binnenkort toch de pijp aan Maarten geven, niet?

Dat het vooral deze mensen zijn die er voor gezorgd hebben dat wij het leven leiden dat we nu leiden, wordt voor het gemak vergeten. Zij hebben na de oorlog onze welvaartsmaatschappij uit de grond gestampt, zij zorgden ervoor dat onze sociale zekerheid is wat ze is. En nu ze hun rol gespeeld hebben mogen ze gaan. Dat komt het tekort in de begroting misschien nog wel ten goede ook?

Zelfs als je de stelling aanhangt dat de zwakkeren er toch van tussen gaan, dat is nu éénmaal hoe het gaat, dan heb je misschien niet begrepen dat het loslaten van de maatregelen leidt tot een collaps van het gezondheidssysteem? Gewoon omdat onze gezondheidszorg niet voorzien is op zo een toeloop van ernstig zieke patiënten zoals in Italie of New York het geval was.

Als jij, je partner of kinderen, niet risicopatiënt zijnde, een ernstig ongeval krijgen, dan kan je niet geholpen worden, omdat het gezondheidszorgsysteem niet meer functioneert. Waar blijf je dan met je collateral damage?

Wij Belgen zijn niet gewoon om gehoorzaam te doen wat ons opgelegd wordt. We lopen er graag de kantjes af, en vinden dat de maatregelen goed zijn voor iemand anders, maar zeker niet voor ons, want wij zijn toch speciaal. Nu, voor één keer zijn we dat niet. We zijn allemaal hetzelfde in de ogen van dit wanstaltige beestje. Ook al ben je jong en dynamisch en volledig overtuigd van je eigen onsterfelijkheid, dan nog kan het je de das omdoen, of kan het de mensen waar je van houdt treffen.

In plaats van ons af te vragen of de maatregelen wel zinvol zijn, en of we niet beter kunnen leven met de coronadoden in plaats van met de collateral damage, kunnen we ons misschien de vraag stellen hoe we ons postcoronaleven anders gaan inrichten, hoe we anders maar niet minder goed kunnen gaan leven? Minder presteren, minder druk, minder vervuiling, meer kleinschalig en onder onze kerktoren? Meer solidariteit met de mensen die het niet goed hebben, zeker nu. Meer besef van wat er echt toe doet in het leven.

Gelukkig zijn er véél mensen die zich daar mee bezig houden, waarvoor dank. Ik probeer het in elk geval ook, met vallen en opstaan.

LOLA